Skip to main content

4 maart 2024

Nieuw! De columnist

Hij kwam op Instagram een challenge tegen van zijn collega-auteur Alice Bakker, zei auteur Theo-Henk Streng in zijn laatste blog – in de vorige nieuwsbrief van Godijn. Ik denk dat ik diezelfde dag een oproep voorbij zag komen: welke Godijn-auteur neemt het stokje van Theo-Henk over? Alleen al door zijn vermelding voelde ik mij geroepen. Bovendien is columnist worden nog ergens een guilty pleasure.

Terug naar die challenge waar Theo-Henk het over had. Het ging over de welbekende uitdaging onder schrijvers om in de maand november 50.000 woorden te schrijven. Moet lukken, dacht ik optimistisch. Ik had de tijd en een manuscript waar ik al aan begonnen was. Ik hoefde alleen maar verder te typen. Meer niet. Lang verhaal kort? Ik schreef 25.004 woorden. Net over de helft. Behalve dat die stomme uitdaging mij het gevoel gaf dat ik had gefaald, was ik ook nog eens mijn schrijfritme kwijt. Mijn schrijfzin kwijt, zelfs. Twee maanden heb ik het bestand waar het manuscript in staat niet geopend. Twee maanden naar de gallemiezen. Terwijl ruim 25.000 woorden schrijven in een maand normaliter helemaal niet verkeerd is en ik best trots op mezelf mocht zijn.

Flow

Wat mijn ritme was? Elke werkdag een half uur fictie. Langer mag, hoeft niet. Door elke dag te schrijven blijf ik in de flow. Ik lees terug wat ik gisteren schreef, pas daar het een en ander in aan, schrijf zo’n vijfhonderd woorden aan de hand van steekwoorden die ik verzon en bedenk nieuwe steekwoorden. Dat herhaal ik vijf dagen per week = wekelijks hooguit 2.500 woorden en dus zo’n 10.000 per maand. Hoe kan het, dat ik ook maar een tel in mijn hoofd haalde dat 25.000 woorden iets met falen te maken had? Ik had anderhalve maand vooruitgewerkt!

Niet omdat het moet …

‘Hoeveel uur schrijft u per week?’ vroeg een leerling van het Kalsbeek College in Woerden mij onlangs, toen ik daar een gastles gaf. ‘Hoeveel uur denken jullie?’ kopte ik terug. Ze keken naar mijn stapel boeken op de punt van het bureau en sloegen aan het rekenen. Als ik in 2017 mijn eerste boek uitbracht, moest ik toch minstens dertig uur per week schrijven. Of meer. Vijftig uur, misschien? ‘Tweeënhalf,’ zei ik. ‘Maar u schrijft toch de hele dag?’ kreeg ik om mijn oren. Dat klopt, dat had ik ze verteld, dat ik de hele dag aan het schrijven ben. Voor de klanten van Tekstbureau In Woordenland. ‘Het liefst schrijf ik de hele dag boeken dus als jullie allemaal een boek van mij kopen, dan komt het helemaal goed.’ Ik glimlachte er lief bij. Ze keken me meewarig aan. Snap ik, mijn doelgroep houdt per definitie niet van lezen. Omdat het moet. En ineens snapte ik waarom ik voelde dat ik had gefaald. Ik dacht dat het moest. Sindsdien zit ik weer in mijn eigen flow. Niet omdat het moet, omdat het van mezelf mag.


Deze column is op 22 februari 2024 verschenen in de nieuwsbrief van Godijn Publishing. Wil je deze nieuwsbrief ook ontvangen? Meld je dan aan via deze link.


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *